2006

zondag 7 mei
maandag 8 mei
dinsdag 9 mei
woensdag 10 mei
donderdag 11 mei
vrijdag 12 mei
zaterdag 13 mei
zondag 14 mei

Coalminewalk 2

donderdag 11 mei

Ik heb om 10.30 afgesproken met Jan Kohlbacher, oud-hoofdonderwijzer en initiator van het mijnwerkers-huismuseum in Eisden/Maasmechelen tuinwijk. Vlak bij de grote kerk staat een 'twee onder een kap', waarvan het linkerdeel geheel met huisraad van oud-mijnwerkers is ingericht. Kohlbacher is een enthousiast en gedreven verteller, en verlevendigt de rondleiding door de kleine woning met veel details en anekdotes. Hij vertelt dat er ruim 40 nationaliteiten in de wijk samenwonen, en zodoende diverse culturele uitingen in de wooncultuur terecht zijn gekomen, zoals marmer- en trompe l’oeilschilderingen.
               
   
     
Na een wandeling door de tuinwijk, waarbij me behalve het zien van vaak grote huizen op zeer grote percelen opviel dat de bomenrijen niet langs de straat maar in de tuinen staan kom ik tegen 14 uur in Maasmechelen Outlet Village aan, waar ik heb afgesproken met Noël Deckers, schepen van Economie en Cultuur. Hij geniet nog van een glas wijn na de lunch met een projektontwikkelaar, die zich in onze discussie mengt. Ik steek mijn mening over het Village, dat ik afschuwelijk en kitscherig opgezet vind, niet onder stoelen of banken. Zowel Deckers als de projekt-ontwikkelaar snappen mijn bezwaren niet; er komt al jaren veel volk, het is een impuls voor de werkgelegenheid, met name het Italiaanse (grote) aandeel van de bevolking heeft er veel emplooi gevonden. Voor mijn tegenargument dat ik niet functie maar vormgeving rampzalig vind, zijn ze ook niet te porren; de mensen vinden het leuk en als het niet funktioneert dan zetten we weer wat anders neer. Ze zijn het niet eens met mijn idee van duurzaam en lokatiegericht bouwen, in dit geval bijvoorbeeld een industriële hal waar, wanneer de belangstelling voor het outletdorp zou teruglopen, een andere bestemming aan gegeven zou kunnen worden.      
     
           
   
           
Deckers en ik wandelen door de Village, en vervolgens via de oude schachtbokken (waarvan de ‘vervallen’ bok ooit door een aantal partikulieren van de sloop gered is, naar een gebouw van de mijn dat nu de Kunstacademie huisvest. Ondertussen heeft Marcel Vannijlen, de gids die alle terrils (steenbergen) hier goed kent, zich bij ons gevoegd. Deckers is het nu met me eens dat dit een prachtig gerenoveerd gebouw is, wat èn funktioneert èn de herinnering aan het mijnverleden bewaart. We spreken enkele cursisten die tevreden zijn met gebouw en faciliteiten. Er zijn trouwens opmerkelijk veel Nederlandse cursisten (zou het soms goedkoper zijn dan in Nederland?).
 
 
 
         
Ik neem hartelijk afscheid van Deckers, en ga met Vannijlen naar de terrils die op het terrein liggen waar ooit een Centerparcs had moeten komen. Je kunt er nu voor een euro wandelen, mountainbiken en binnenkort ook varen op het prachtige meer wat er ligt. We beklimmen de terril en Vannijlen wijst me op bijzondere fauna en flora, alsook op de uitzichten op o.a. DSM en de stad Maasmechelen. Erna bezoeken we de brandende terril, waar de kolen- en steenresten door een jarenlang gloeiproces rood zijn geworden, hier en daar kringelt nog altijd rook omhoog! Vannijlen is een zeer enthousiaste en positieve man, die me -met de auto- daarna nog veel plekken laat zien, zoals de kapitale directeursvilla, de verzakkingen langs de Maas etc. Ik vertrek in de late avond naar Genk-Zwartberg, waar ik overnacht.
     
Over Leo van der Kleij | Project | Contact | ©2006 Arts + Bits